|
1.2.7. Belangenconflicten
Belangenconflicten uit hoofde van een bestuursmandaat De wettelijke regeling inzake belangenconflicten voor bestuurders, zoals vastgelegd in artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen, is van toepassing op beslissingen of verrichtingen die tot de bevoegdheid van de Raad van Bestuur behoren, en die aan de volgende voorwaarden beantwoorden:
- een bestuurder heeft daarbij rechtstreeks of onrechtstreeks een vermogensrechtelijk belang, dus een belang met een financiële impact;
- het moet een strijdig belang betreffen.
De eventuele ‘strijdigheid’ heeft betrekking op het belang van de vennootschap bij de voorgenomen beslissing of verrichting en het belang van de betrokken bestuurder daarbij.
Uit hoofde van deze regeling moeten bestuurders een strijdig vermogensrechtelijk belang meedelen aan de andere bestuurders vooraleer een beslissing is genomen. Tijdens de behandeling van het betreffende agendapunt moeten zij de vergadering verlaten. Zij mogen niet deelnemen aan de beraadslaging en de stemming over dit agendapunt.
Tijdens het boekjaar 2009 werden in het kader van de openbare kapitaalverhoging met voorkeurrecht die werd afgerond op 30 juni 2009, twee beslissingen genomen door de Raad van Bestuur van De Pauw NV met toepassing van artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen. De heer Dirk Van den Broeck is immers onafhankelijk bestuurder van de bevak en vennoot van Petercam NV, één van de banken die de transactie begeleidde.
Zoals vereist door artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen, worden de betrokken notulen van deze vergaderingen van de Raad van Bestuur hierna weergegeven. Daaruit blijkt dat de betrokken beslissingen werden genomen en verrichtingen werden aangegaan in het belang van de bevak, tegen normale marktvoorwaarden geschiedden en zich situeerden binnen het beleggingsbeleid van de bevak.
Vergadering van de Raad van Bestuur van De Pauw NV, statutaire zaakvoerder van WDP Comm. VA, van 26 mei 2009
“De heer Dirk Van den Broeck verwijst naar het agendapunt, waarbij de Raad wordt verzocht haar principiële goedkeuring te verlenen aan het ontwerp van Engagement Letter (m.i.v. de afspraken inzake vergoeding van de banken, en dat kan uitmonden in het effectief optreden als Underwriter) tot aanstelling van ING Belgium NV (“ING”) en Petercam NV (“Petercam”) als begeleidende banken in het kader van de mogelijke realisatie van een kapitaalverhoging in geld met voorkeurrecht (de “Transactie”).
De heer Dirk Van den Broeck verklaart, en de andere leden van de Raad nemen kennis van het feit, dat hij een indirect voordeel kan halen uit de beslissing die geagendeerd staat onder het agendapunt.
De heer Dirk Van den Broeck is immers vennoot van Petercam en ter uitvoering van het agendapunt zal de Raad desgevallend de principiële aanstelling van ING en Petercam door WDP goedkeuren en een volmacht verlenen aan elk van Tony De Pauw, Mark Duyck en Joost Uwents (alleenhandelend, dan wel met twee of met drie handelend) om de Engagement Letter verder te onderhandelen en te ondertekenen. Derhalve zal de heer Dirk Van den Broeck niet deelnemen aan de beraadslaging en stemming over het agendapunt.
De heer Dirk Van den Broeck verklaart (i) dat zijns inziens het ontwerp van Engagement Letter geen bepalingen, voorwaarden of modaliteiten (en in het bijzonder afspraken inzake vergoeding) bevat die vallen buiten het kader van de in de praktijk gangbare (en redelijke) bepalingen voor een dergelijke overeenkomst (mede gelet op voorstellen van andere banken die het management enige tijd geleden heeft bekomen); (ii) dat het voor de beoogde ontwikkeling van de activiteiten van WDP binnen haar beleggingsbeleid en in het licht van de wettelijk bepaalde maximale schuldgraad van de vastgoedbevak belangrijk is om de transactie te realiseren (waarvan de opbrengsten voor die doeleinden zullen worden aangewend); en (iii) dat dit, gelet op het voorgaande, in het belang is van WDP.
Na voormelde voorafgaande verklaring, komt de vergadering, na beraadslaging, met unanimiteit tot de onderstaande besluiten. De heer Dirk Van den Broeck neemt echter geen deel aan de beraadslaging en stemming over het agendapunt.
De leden van de Raad bevestigen (i) dat huns inziens het ontwerp van Engagement Letter geen bepalingen, voorwaarden of modaliteiten (en in het bijzonder afspraken inzake vergoeding) bevat die vallen buiten het kader van de in de praktijk gangbare (en redelijke) bepalingen voor een dergelijke overeenkomst (mede gelet op voorstellen van andere banken die het management enige tijd geleden heeft bekomen); (ii) dat het voor de beoogde ontwikkeling van de activiteiten van WDP binnen haar beleggingsbeleid en in het licht van de wettelijk bepaalde maximale schuldgraad van de vastgoedbevak belangrijk is om de transactie te realiseren (waarvan de opbrengsten voor die doeleinden zullen worden aangewend); en (iii) dat dit, gelet op het voorgaande, in het belang is van WDP.
De Raad keurt het ontwerp van Engagement Letter goed en geeft volmacht aan elk van Tony De Pauw, Mark Duyck en Joost Uwents (alleenhandelend, dan wel met twee of met drie handelend) om de Engagement Letter zoals gehecht aan deze notulen verder te onderhandelen, en om de (desgevallend in functie van die verdere onderhandelingen aangepaste) finale Engagement Letter namens WDP te ondertekenen.”
Vergadering van de Raad van Bestuur van De Pauw NV, statutaire zaakvoerder van WDP Comm. VA, van 26 juni 2009
“De voorzitter verklaart dat de heer Dirk Van den Broeck (voor zover nodig; hij heeft dezelfde verklaring immers reeds afgelegd n.a.v. de goedkeuring van de Engagement Letter die werd afgesloten in het kader van de transactie) verwezen heeft naar agendapunt a), waarbij de Raad wordt verzocht zijn goedkeuring te verlenen aan de Underwriting Agreement (m.i.v. de afspraken inzake vergoeding van de banken, waaronder Petercam NV (“Petercam”)) waarin, overeenkomstig de modaliteiten en voorwaarden van deze Underwriting Agreement, ING Belgium NV (“ING”) en Petercam als Joint Bookrunners en Dexia Bank Belgium NV (“Dexia”) als Co-manager, de betaling waarborgen van de nieuwe aandelen waarop werd ingeschreven door beleggers (behalve de Familie Jos De Pauw) in het kader van de transactie.
De voorzitter verklaart namens de heer Van den Broeck, en de andere leden van de Raad nemen kennis van het feit, dat de heer Van den Broeck een indirect voordeel kan halen uit de beslissing die geagendeerd staat onder agendapunt a).
De heer Van den Broeck is immers vennoot van Petercam.
De heer Van den Broeck heeft verklaard (i) dat zijns inziens de Underwriting Agreement geen bepalingen, voorwaarden of modaliteiten (en in het bijzonder afspraken inzake vergoeding) bevat die vallen buiten het kader van de in de praktijk gangbare (en redelijke) bepalingen voor een dergelijke overeenkomst (mede gelet op voorstellen van andere banken die het management enige tijd geleden heeft bekomen); (ii) dat het voor de beoogde ontwikkeling van de activiteiten van WDP binnen haar beleggingsbeleid en in het licht van de wettelijk bepaalde maximale schuldgraad van de vastgoedbevak belangrijk is om de transactie te realiseren (waarvan de opbrengsten voor die doeleinden zullen worden aangewend); en (iii) dat dit, gelet op het voorgaande, in het belang is van WDP. De heer Van den Broeck heeft nog opgemerkt dat de afspraken inzake vergoeding zoals die zijn opgenomen in de Underwriting Agreement, niet afwijken van de afspraken die de Engagement Letter terzake bevatte.
Na voormelde voorafgaande verklaring, komt de vergadering, na beraadslaging, met unanimiteit tot onderstaande besluiten. De heer Van den Broeck is niet aanwezig of vertegenwoordigd en neemt dus geen deel aan de beraadslaging en stemming over de agenda.
De leden van de Raad bevestigen (i) dat huns inziens de Underwriting Agreement geen bepalingen, voorwaarden of modaliteiten (en in het bijzonder wat betreft de afspraken inzake vergoeding) bevat die vallen buiten het kader van de in de praktijk gangbare (en redelijke) bepalingen voor een dergelijke overeenkomst (mede gelet op voorstellen van andere banken die het management in voorbereiding op de selectie van de begeleidende banken heeft bekomen); (ii) dat het voor de beoogde ontwikkeling van de activiteiten van WDP binnen haar beleggingsbeleid en in het licht van de wettelijk bepaalde maximale schuldgraad van de vastgoedbevak belangrijk is om de transactie te realiseren (waarvan de opbrengsten voor die doeleinden zullen worden aangewend, zoals verder uiteengezet in het prospectus dat voor de transactie werd opgemaakt); en (iii) dat dit, gelet op het voorgaande, in het belang is van WDP.
Na bespreking, keurt de Raad met unanimiteit (van de deelnemende bestuurders) de Underwriting Agreement goed, en verleent de Raad met unanimiteit (van de aanwezige bestuurders) een bijzondere volmacht aan Mark Duyck, Tony De Pauw en Joost Uwents, met macht om alleen of met twee te handelen, om de Underwriting Agreement, en daarmee verband houdende documenten zoals (maar niet beperkt tot) Officer Certificates die in dit verband zouden worden gevraagd, in naam en voor rekening van WDP te ondertekenen. Het definitief ontwerp van de Underwriting Agreement wordt aan deze notulen gehecht als Bijlage 1. De volmachthouder(s) dienen namens en voor rekening van de vennootschap een substantieel gelijkluidende versie te ondertekenen.”
Belangenconflicten zoals bedoeld in art. 524 van het Wetboek van Vennootschappen De bevak dient ook de procedure van art. 524 van het Wetboek van Vennootschappen na te leven indien zij een beslissing neemt of een verrichting uitvoert die verband houdt met betrekkingen van de bevak en een verbonden vennootschap.
Functionele belangenconflicten De regeling van artikel 24 van het Koninklijk Besluit van 10 april 1995 met betrekking tot vastgoedbevaks is van toepassing op WDP Comm. VA. Dit artikel bevat een functionele belangenconflictenregeling die inhoudt dat de vastgoedbevak de CBFA moet informeren telkens bepaalde personen (limitatief opgesomd in hetzelfde artikel, waaronder de zaakvoerder en de bestuurders van de zaakvoerder) optreden als tegenpartij bij, of enig voordeel halen uit, een verrichting met de vastgoedbevak of met een vennootschap waarover zij controle heeft. In haar mededeling aan de CBFA moet WDP het belang van de geplande verrichting voor haar aantonen, alsook dat de betrokken verrichting zich situeert binnen het beleggingsbeleid van de bevak. Bovendien moeten verrichtingen waarvoor een dergelijk belangenconflict bestaat tegen normale marktvoorwaarden gebeuren. Wanneer een dergelijke verrichting betrekking heeft op vastgoed, is de waardering van de vastgoedexpert bindend.
Dergelijke verrichtingen, alsook de te melden gegevens, worden onmiddellijk openbaar gemaakt. Ze worden in het jaarlijks financieel verslag en, in voorkomend geval, in het halfjaarverslag toegelicht.
In het kader van de transactie publieke kapitaalverhoging met voorkeurrecht die werd afgerond op 30 juni 2009, is een belangenconflict gerezen in hoofde van de heer Dirk Van den Broeck, in die zin dat hij tegelijkertijd onafhankelijk bestuurder is van de bevak en vennoot van Petercam, een van de banken die de transactie begeleidde. De vereiste procedure werd op dat ogenblik toegepast.
Lees verder
|
|